Wim de Wagt

Architectuurhistoricus, schrijver, journalist

David Mach


David Mach, Up Against the Wall


Recensie gepubliceerd in Haarlems Dagblad, n. a.v. de tentoonstelling 'Size doesn’t matter’ van David Mach, in De Vishal en Kunstkerk Bakenes, Haarlem, juli-augustus 2008 


Zes vrouwenbeelden van David Mach in Haarlem

Deze zomer is de Britse kunstenaar David Mach te gast in Haarlem. Op twee locaties is een tentoonstelling van hem te zien: in De Vishal een stapeling van 6000 (!) autobanden, voorstellende een duikboot (titel: Polaris III), en in de Bakenesserkerk een zestal enorme vrouwensculpturen. Werkt de duikboot nog enigszins op de lachspieren vanwege het onzinnige concept en het te krappe korset van de locatie, de vrouwenbeelden in de Bakenesserkerk zijn fabelachtig. De meer dan levensgrote beelden staan, of liggen, ordelijk gepositioneerd in het kerkschip. Ze eisen meteen de aandacht op, en laten de toeschouwer niet meer los. Het ruimtelijke, serene kerkinterieur zorgt voor een perfecte ambiance.

Mach, in 1956 geboren in Schotland maar tegenwoordig in Londen wonend en werkend, heeft de afgelopen twintig jaar internationaal naam gemaakt als beeldhouwer en maker van installaties waarin sculpturen de boventoon voeren. Daarnaast is hij bekend vanwege zijn collages. Voor zijn beelden gebruikt hij wel zeer ongebruikelijke materialen: van lucifers heeft hij eens een serie dierenkoppen gemaakt. Net als de in Haarlem geëxposeerde beelden waren deze koppen razend knap vormgegeven en gedetailleerd. Het is deze combinatie van virtuoze ambachtelijkheid, academische allure en het gebruik van alledaagse materialen die zijn werk zo prikkelend maakt.

De titels van de vrouwenbeelden hebben een relatie met het materiaal of de pose, en lijken een handreiking te bieden voor een interpretatie. Dominatrix is gemaakt van dominosteentjes, Bent Double, Up against the wall’ en Biowoman bestaan uit verknipte pornoplaatjes (op stukjes hardboard), Myslexia is opgebouwd uit scrabblestenen, The Hooker tenslotte dankt haar bestaan aan metalen kleerhangers. Vooral dit laatste beeld heeft een verbluffende verschijningsvorm. De kleerhangers zijn in de juiste vorm gebogen en vervolgens aan elkaar gelast. De buitenste steken uit, waardoor een scherp, weerbarstig aura ontstaat. Van een afstandje is het alsof je naar een still van een bewegende vrouw kijkt. Van dichtbij denk je: oei, deze feeks moet ik uit de weg gaan.

Het werk van Mach heeft zijn wortels in popart en verraadt enige verwantschap met readymadeachtige kunst. Ooit bedoeld om de gevestigde kunst aan te vallen, gebruikt Mach deze beproefde methoden eerder om te entertainen dan te shockeren. Natuurlijk, zijn op het eerste gezicht banale beelden doen de toeschouwer wroeten naar verborgen betekenislagen. Representeren ze soms een ironisch commentaar op de consumptiemaatschappij, de kunst, de rol van de vrouw desnoods? De gestalten vertonen subtiele misvormingen, soms is een hoofd te groot of een heup te wulps. Ook de toepassing van pornoplaatjes of kleerhangers verwijst niet naar een hoopvolle zienswijze.

Maar als deze beelden raadsels zijn, wat is dan de sleutel tot hun geheim? Net als Polaris III zijn de vrouwenbeelden geënt op ouder werk van Mach – ze komen organisch voort uit zijn oeuvre. Metalen kleerhangers paste hij eerder toe in een stilleven dat niets te maken heeft met The Hooker. Je kunt de sculpturen dan ook beter nemen zoals ze zijn: conceptueel eenvoudig, verbazingwekkend en overdonderend in hun uitvoering. Al die andere bedoelingen zitten er misschien wel in, maar kunst die zó goed gemaakt is heeft geen morele rechtvaardiging nodig. Niet voor de kunstenaar zelf, en niet voor ons.