Wim de Wagt

Architectuurhistoricus, schrijver, journalist

Nick Drake en Pieter Brueghel - De hond in de kunst

Twee afleveringen uit de serie 'De hond in de kunst', verschenen in de Kunstlijnbijlage van Haarlems Dagblad, resp. 3 en 4 november 2005


 



Pieter Brueghel de Oudere, Terugkomst van de jagers (1565)

 
Wij kunnen schilderijen lezen zoals wij dat willen. Het staat ons vrij er onze interpretaties op los te laten en onze gevoelens en ideeën erop te projecteren. Met dank aan de Romantiek en de moderne kunst. Toen ik het schilderij Terugkomst van de jagers van Pieter Brueghel (1565) voor het eerst zag (het hangt in het Kunsthistorisches Museum in Wenen) vond ik dat er vooral dreiging uit sprak.

Een waterkoude winterdag, immense bergtoppen in de verte, een zware sneeuwlucht. Jagers met buit en hun nog nahijgende honden, afdalend naar een dorpje in het dal, waar de dorpelingen zich vermaken met zoiets onschuldigs als ijspret. De dood en het geweld dat de jagers met hun honden ademen tegenover de onwetendheid en onbekommerdheid van de figuurtjes in de diepte. Het raakte mij.

Niet lang daarna maakte ik kennis met het werk van de Oostenrijkse dichter Georg Trakl (1887-1914), een zwartkijker die stierf aan een overdosis cocaïne. In een van zijn gedichten (Geboorte) las ik de regels: 'Gebergte: zwartheid, zwijgen en sneeuw. / Rood uit het bos daalt af de jacht; / O, de moszachte blikken van het wild.'

Ik wist het zeker: hier bestaat een verband met het paneel van Brueghel, dat Trakl - die enige tijd in Wenen woonde - natuurlijk kon hebben gezien. Rood, dat naar geronnen bloed verwijst. Moszachte blikken – inderdaad hangt er over de schouder van een van de jagers een geschoten dier met een van zijn dode ogen naar ons toegekeerd.

Wij zijn vrij om van alles en nog wat te denken. Maar in de tijd van Brueghel was men dat niet. En zeker niet als het om kunst ging, die toen veel sterker dan wij ons kunnen voorstellen bepaald werd door conventies. Ik leerde dat de schilderijen en prenten in vroeger tijd bol stonden van symboliek. Af te lezen in soms minieme stukjes interieur, handgebaren, huisdieren, terloopse reflecties in een spiegel. Ook Brueghel?
 
In een boekje, op de kop getikt in de ramsj, vond ik dat op het uithangbord van de herberg die links te zien is de heilige Sint Hubertus staat afgebeeld. Zoeken dus. Rond het jaar 700 was Hubertus tot bisschop van Luik benoemd. De legende wil dat hij ooit tijdens een jachtpartij een hert achtervolgde, dat hem middenin het bos een goddelijke ervaring bezorgde. Deze legende kwam in de 15de eeuw op en werd snel populair in Brueghels dagen. Sint Hubertus werd de beschermheilige van jagers. Hij zou bovendien bescherming bieden tegen hondenbeten en hondsdolheid.

Het landschap ontdaan van een onheilspellend raadsel? Ach nee, Sint Hubertus is achtergrond, en wat mij betreft slechts bijzaak. Een stukje is verklaard, maar Brueghel had nu eenmaal de gewoonte om religieuze betekenissen dubbelzinnig te hanteren. Dus ook in dit schilderij mogen we afdalen in onze eigen verbeelding om te ontdekken wat we erin willen ontdekken.

Overigens sloeg Trakl de hand aan zich zelf op 3 november – de feestdag van Sint Hubertus.
 




Nick Drake, Black Eyed Dog (1973)

 
Het moet op een zondagavond zijn geweest, want dan zond Vincent van Engelen altijd zijn radioprogramma uit. Ergens aan het begin van de jaren tachtig. Toen hoorde ik voor het eerst de popliedjes van Nick Drake. Van Engelen was er vroeg bij. Zijn uitzending zette de waardering voor de tot dan toe in Nederland (en elders) onbekende Engelse singer-songwriter in gang.

Nick Drake (1948-1974) is uitgegroeid tot een cultfiguur. Tijdens zijn leven wist hij zijn publiek niet te bereiken, maar intussen hebben hele volksstammen zich door zijn raadselachtige popliedjes laten grijpen. Op het internet wemelt het van de sites die hem in de adelstand van de hogere kunst verheffen. Bootlegs met zijn noeste huisvlijt, nooit bedoeld om wereldkundig te maken, worden te koop aangeboden. De ene na de andere hedendaagse popster verklaart plechtig door hem geïnspireerd te zijn. De BBC heeft een radiodocumentaire uitgezonden, ingesproken door, let wel, Brad Pitt.

Zo langzamerhand houden zovelen zich met hem bezig en worden er zoveel meningen over hem geventileerd, dat hijzelf uit het zicht dreigt te verdwijnen. Luisteren naar zijn muziek is een intens persoonlijke ervaring. En vreemd genoeg wordt die geweld aangedaan wanneer er een aanbiddend geroezemoes opsteekt, dat lang niet altijd voortkomt uit oprechte motieven. De mensheid kan achteloos omspringen met zijn getalenteerde zonen en dochters.

De liedjes die Vincent van Engelen toen uitzond nam ik op op een cassettebandje. Vervolgens kocht ik de drie LP's bevattende box Fruit Tree. The complete recorded works. Welke liedjes op dat bandje stonden weet ik niet meer. Wat ik wel weet is dat het nummer Black Eyed Dog er niet bij was. Dat stond ook niet op Nicks derde album uit 1972, Pink Moon, maar werd ten behoeve van Fruit Tree met nog drie andere nummers van een tape gevist en als onbekend werk aan de rest toegevoegd.

Black Eyed Dog is een onheilspellend, doodeng nummer, van de eerste tot de laatste noot, van het eerste tot het laatste woord. Nick zingt: A black eyed dog he called at my door / The black eyed dog he called for more / A black eyed dog he knew my name. En: I'm growing old and I wanna go home / I'm growing old and I don't wanna know.

Je zou er bespiegelingen aan kunnen wijden, op zoek gaan naar zijn wellicht literaire, mystieke of mythologische bronnen. Ik heb een poging gewaagd, maar geef het op. Zwarte honden bevolken onze griezelverhalen genoeg. Maar honden met zwarte ogen? De teksten van Nick geven hun geheim niet prijs, net zoals zijn gitaartechniek uniek was en nauwelijks is na te volgen.

De ernstig depressieve Nick overleed ten slotte aan een overdosis pillen. Zijn moeder heeft eens gezegd: 'Hij had het gevoel dat hij in alles gefaald had. Dat hij niet was doorgedrongen tot de mensen met wie hij zo graag wilde communiceren.' Dat was zo, die mensen moesten nog geboren worden. Of hadden hem nog niet leren kennen.